De Transactionele Analyse (T.A.) #Psychotherapie


the Quick Version
Een serie van posts om nog weer eens terug te kijken naar een manier van denken in de psychotherapie uit de sixties. Een manier van denken waar eigenlijk vrij vroeg in de therapiewereld oog ontstond voor het feit dat één mens op verschillende manieren kunnen denken, voelen en herinneren, lees: kan handelen vanuit verschillende ‘mindsets’. Dit is iets dat tegenwoordig in de schema therapie weer wat meer ‘hot’ begint te worden.
De TA werkte vanuit drie hoofd “ego-posities”: Ouder, Volwassene & Kind.
Verder gaat de T.A. (Transactionele Analyse) ervan uit dat een mens gedefinieerd wordt door de manier waarop iemand communiceert en dat je veel weet wanneer je de communicatie-eenheidjes (transacties) goed bekijkt (analyseert) die iemand uitwisselt met zijn omgeving. Want dat loopt vaak via bepaalde scripts (games people play).


Hoe dan? Lees:

the Longer Version

De Transactionele Analyse (T.A.) #Psychotherapie

De transactionele analyse is een ontwikkeling van de Amerikaans psycholoog Eric Berne (verder uitgewerkt en gepopulariseerd door Thomas A Harris).
De TA was één van de eerdere therapievormen die niet zo zeer een eigen jargon probeerde te maken om de exclusiviteit te bewaren maar die juist probeerde om in gewone mensentaal dingen uit te leggen.

De “TA” houdt zich bezig met een analyse van de communicatie tussen mensen: “Wat zegt iemand en hoe zegt ie dat?”… of juist: hoe zegt ie het niet. Want ook iets niet zeggen is een vorm van communiceren!We weten allemaal dat communicatie vaak tot krommunikatie verbastert als we niet goed in de gaten houden wat we eigenlijk doen met onze omgeving. Om het overzicht te behouden en zelfs aan analyse toe te komen wordt onze hele communicatiestroom als het ware in kleine stukjes geknipt die in de TA “transacties” genoemd worden.

Een transactie is een communicatiepakketje waarin een actie en een re-actie zit.

Transacties kunnen verbaal en/of non-verbaal zijn. Dus als een man er niets over zegt dat hij ervan baalt dat zijn vrouw alweer “pas uit haar werk komt als het eten al koud is” en zij schuift zonder iets te zeggen gelijk maar achter de computer “omdat hij toch wel weer hoofdpijn zal hebben”… (dus in allebei de gevallen eigenlijk een “niet-actie”), dan zijn dat dus wel degelijk voorbeelden van hele duidelijke transacties.

…..

Mensbeeld

Om te begrijpen waar die transacties nou vandaan komen, is het belangrijk om het even te hebben over het mensbeeld van de TA. Of in ieder geval het beeld van de psyche van een mens.
Volgens de TA zijn er in het menselijke psychologisch functioneren bij ieder mens 3 aspecten te herkennen. Drie aspecten die altijd weergegeven worden door 3 opeengestapelde bolletjes: bovenaan “de Ouder”, in het midden de verbinding tussen de andere twee: de Volwassene, en in het onderste bolletje “het Kind”.
De lezer die enigszins bekend is met psychologische theorieën zal zonder veel moeite wel een analogie met Sigmund Freud’s “super-ego”, “ego” & “id” herkennen maar er zijn belangrijke verschillen.

TA model van de menselijke psychologie

(een mens (O-V-K) communiceert op meerdere niveaus met anderen)

…..

de “Ouder” (O)

De Ouder zouden we ons voor kunnen stellen als de optelsom van al onze opvoeders. Dat zijn dus inderdaad vaak onze echte ouders. Maar het zijn ook de leraar, de tante of de oom die ons heeft laten zien hoe de wereld in elkaar zit. De dingen waar we niet meer over nadenken maar waar we van vinden dat ze zo “horen te zijn” die zijn opgelsagen in onze Ouder. Variërend van ideeën over mannelijkheid/vrouwelijkheid, respect en “de moeite waard zijn” tot dingen als “je moet je bordje altijd leeg eten”, dat zijn typisch dingen van de Ouder.

zó zit de wereld in elkaar!

Soms zijn het zelfs onze helden van vroeger, de figuren in de TV-programma’s als die als een belangrijk voorbeeld voor ons hebben gewerkt. Zo kunnen Batman, “Meneer de uil” uit de fabeltjeskrant of 007 mannelijke rolmodellen zijn. Misschien nog wel belangrijker dan hun eigen vader die altijd weg was om te werken (ook al is “veel afwezig zijn” een manier waarop die rol nogal eens wordt ‘ingevuld’ in het gezinsleven).
“De Ouder” kan je vaak terug horen in opmerkingen je maakt naar kinderen als je hun uitlegt hoe de wereld in elkaar zit: “Je moet niet ….”, “je moet altijd … (je bord leeg eten, inderdaad)”, “mensen met zwarte leren jasjes zijn niet te vertrouwen”, “mannen willen maar één ding” enzovoort.

Zoals het figuurtje al laat zien kan je de ouder-figuren die wij met ons mee dragen in ons hoofd opdelen in twee categorieën:

  • de “Voedende Ouder” (VO)
  • de “Kristische Ouder” (KO)

…..

De Voedende Ouder (VO)

Dit zijn de ouderboodschappen die verder helpen, die opbouwen. “Jij bent wel degelijk de moeite waard, óók als alles niet helemaal perfect verloopt”, “jij mag voelen wat je voelt en zelf keuzen maken wat je daarmee wilt gaan doen”, “zorg dat je genoeg slaap krijgt dan kan je er beter tegen”, “sommige grenzen zijn goed om in de gaten te houden”, dat zijn daar voorbeelden van.

Een voedende ouder heeft bijvoorbeeld wel degelijk schik van een kind dat in alle vrijheid kan spelen maar waakt er dan wel weer voor dat ie niet verkouden wordt als het buiten te koud is en die kleine zó opgaat in z’n spel dat ie de temperatuur vergeet).

Deze ego-positie wordt ook heel vaak de “ZO” (Zorgende Ouder) genoemd omdat het niet alleen maar de ouder is die “voedsel verstrekt” (je kunt met een heel koud hart het eten op tafel zetten) maar juist die ouder-figuren waren die zorg hadden voor het Kind. Aan de andere kant zie je natuurlijk ook weer regelmatig ouders die zo ont-zet-tend zorgzaam zijn dat het Kind bijna verstikt wordt in al die zorg. De zorg is dan niet “voedend” meer (in de zin van soul-food) maar eerder beperkend -en in die zin waarschijnlijk eerder Kritisch… “je moet nou ook wel een héél braaf kind zijn als ik je zo goed verzorg”
Als je dus op andere plekken de ZO tegenkomt in de TA dan weet je dat dàt hetzelfde is als de VO die ik hier bedoel.
De voedende ouder zal ook naar andere mensen grenzen bewaken. Als een kind onhandig aan het spelen was dan zal een zorgende ouder vertellen dat het lekkerder spelen is op het trapveldje aan de overkant van de straat en samen met de andere ouders in de buurt een hekje om dat veldje bouwen zodat ze lekker hard kunnen schieten.

…..

De Kritische Ouder (KO)

Tegenover de VO staat de kritische ouder (KO). Dat zijn de vaak dwingende en meestal afbrekende kritische boodschappen die we mee gekregen hebben, onderweg. Soms heel negatief en duidelijk ondermijnend: “met jou zal het nooit goed aflopen”, “als man/vrouw stel jij ook niks voor”, “alle mannen/vrouwen zijn viezeriken”. Maar vaak is het veel minder duidelijk gebracht: “papa zit altijd maar aan mammie, terwijl hij helemaal niet vraagt of mammie daar wel zin in heeft” (mannen zitten altijd aan vrouwen en dat is vervelend), “je bent best wel lief als je nu even de vaat doet” (je bent lief als je aan alle voorwaarden hebt voldaan), “het leven is niet om van te genieten, we zijn hier om te bidden en onze zonden te…”.
Je snapt dat het heel lastig wordt om als volwassen mens een beetje te kunnen genieten als je veel van zulke boodschappen in je hoofd meedraagt.
In veel teksten kom je ook de term “de interne Kritikus” tegen (toen ineens alles met een “K” moest), de criticus, de “Perfectionist” die veel mensen altijd bij zich dragen en die vind dat je “nooit goed genoeg bent”. Je snapt dat dit behoorlijk aan elkaar verwant is.

…..

Het “Kind”(K).

Aan de andere kant van het model zit “het Kind”.
Iedereen heeft nog ergens (soms diep weggestopt) een kind in zich. Dat kind dat is in de loop van het opgroeien gevormd en dat heeft van alles meegemaakt. “Het Kind” staat enerzijds voor het vermogen om te genieten, creatief te zijn, te spelen (alleen of samen met anderen) en vooral: daar van alles bij te voelen!

Zo kent het kind ook angst…. en zeker niet altijd onterecht. Een kind moet zich zorgen maken over de manier waarop de ouders denken over hem/haar. En vooral de ouders die veel voorwaarden verbinden aan hun oordeel, dan zijn dat ouders waar je als Kind een beetje bang voor moet zijn. “Voldoe ik wel?” is een vraag die met name het Aangepaste kind zich voortdurend stelt.

Je kan als kind ook erge dingen hebben meegemaakt en als het ware een “besluit” hebben genomen over “de wereld” of over “jezelf”. Bij mannen en vrouwen die mishandeld of misbruikt zijn zie je bijvoorbeeld wel dat lichamelijke nabijheid van andere mensen eigenlijk bijna onverdraaglijk is. Het kind heeft geleerd om in elkaar te kruipen en de klappen op te vangen of het heeft geleerd om net te doen alsof er “niets aan de hand was” als de vader, de broer, de oom, leraar of de priester weer handtastelijk werden, om net te doen alsof ze ergens anders zijn. Het Kind kan letterlijk denken dat het “vies is als het geniet” dat het “ervoor is om lusten te bevredigen”, dat het niet de moeite waard is of dat het belangrijkste doel in het leven is om ervoor te zorgen dat mama niet depressief is. Veel “Kinderen” (ook in volwassen mensen” hebben niet het gevoel dat het prettig is om iets voor een ander te doen maar dat het moet, dat het altijd voor de Ouders moet zorgen.

…..

Het “Vrije Kind” (VK)

Aan de andere kant kan het gelukkig ook zo zijn dat je juist enerzijds beschermd genoeg en anderzijds in genoeg vrijheid bent opgevoed. Dat je uitleg hebt gekregen over de emoties die voelbaar zijn en manieren om (leuk of niet) om te gaan met die gevoelens op een constructieve manier. Misschien heb je dat niet van je eigen ouders meegekregen maar heeft een leuke oom of tante jou dat bijgebracht. Misschien heb je een docent gehad die jou heeft geleerd dat je de moeite waard bent. Dat je hebt meegemaakt hoe leuk het is om de ruimte te hebben om te spelen.

Het vrije kind kan namelijk enorm genieten van dingen, het kan spelen en creatieve oplossingen verzinnen. Ons vrije kind is ongeremd nieuwsgierig naar de dingen die anderen voelen of denken en kan daar heel open naar vragen. Mensen die ruimte blijven houden voor hun vrije kind zijn mensen die kunnen genieten, die misschien soms oprecht boos of verdrietig zijn over dingen, maar die over het geheel genomen blijer zijn. Mensen met voldoende Vrij Kind weten te genieten van hun leven omdat ze ruimte hebben bewaard om dat te kunnen doen.

…..

Het “Aangepast Kind” (AK)

Helaas is bij veel mensen is het “Vrije Kind” (VK) diep weggestopt door de ervaringen of door de ouderboodschappen is het ingepakt en weggestopt onder lusteloosheid of gepantserd achter hardheid en “ik doe het zelluf wel”.
Wat er dan over blijft is het “Aangepaste Kind” (AK) …dat onder het juk van z’n eigen KO een leven leidt. Het kind dat zonder te genieten zijn best doet om die ouder in zichzelf tevreden te stellen (wat natuurlijk nooit lukt). De kern van het Aangepaste Kind is inderdaad Angst. Angst die overschreeuwd kan worden maar dat betekent niet dat ie weg is. Het aangepaste Kind heeft vaak last van het eeuwige kinderlijke gevoel dat je het niet goed doet, niet goed kunt doen ook.

Misschien kan je jezelf iemand voorstellen die voor het eerst een lezing moet houden. Hij kijkt de zaal in en ziet al die ogen die zullen beoordelen en je kan je mogelijk voorstellen dat iemand op zo’n moment ineens het gevoel bekruipt dat ie als een vijfjarig jongetje staat te stuntelen bij de weekopening… net voordat ie de zaal in moet. Dan is zoiemand op een dergelijk moment door de extra druk in de Aangepast Kind positie geschoten en zal waarschijnlijk minder goed functioneren. Iemand die het best spannend mag vinden van zichzelf die heeft waarschijnlijk genoeg voedende ouder in zich om te zeggen voor de zaal “Zo, retespannend dit! Dit is de eerste keer dat ik dit doe… Maar wat ik wilde zeggen is…” (de kern is: ik mag voelen wat ik voel en ga daar handig mee om)

…..

tegenscript van de aanpassing

Wanneer we goed naar een aangepast kind kijken dan kan het juist ook zo zijn dat een kind zich (inderdaad op een kinderlijke manier) enorm gaat afzet tegen al die ouderboodschappen: “kijk mij eens vrij zijn; ik neuk tegen de klippen op, ik slik, spuit en snuif alles wat los en vast zit en het kan me niks schelen dat ik verslaafd ben aan de alcohol … Want ik geniet!!! Hoor je me wel?!! KIJK DAN!
…en àls je dan al kijkt (want het is helemaal niet zo leuk om te kijken), dan zie je alleen maar iemand die zich driftig aan het afzetten is tegen de eigen Kritische Ouder stemmen in z’n hoofd. Iemand die niet werkelijk meer geniet van zijn/haar uitspattingen in het leven. Iemand die in de eerste ronde al down gaat door KO.

Als je goed kijkt zie je een angstig en boos schoppend kind dat niet in staat is om nog vrij te spelen en te genieten, een mens die geen eigen regels heeft in zijn/haar leven maar die eigenlijk nog altijd leeft volgens de regels van de ouders. Weliswaar voortdurend met het woordje “niet” erbij maar eigenlijk strak volgens de regels waaraan ie van de eigen KO moet voldoen, enorm “onaangepast” maar dus allerminst vrij.

Want een regel altijd moeten doorbreken is net zo dwingend als altijd de regels moeten volgen.

…..

De “Volwassene” (V)

En in het midden staat dus de “Volwassene” (V)… Dat is ons volwassen denken. Vaak wordt het wel vergeleken met een gevoelloze computer maar dat is zeker niet zo. Een gezonde volwassen ego-positie heeft de mogelijkheid om gebruik te maken van zijn ouderboodschappen, om te genieten wanneer dat gepast is, emoties te laten zien als dat opbouwend is maar zich ook bewust even aan te passen als dat (tijdelijk) handiger is; “Nee inderdaad, oom agent. Dat was inderdaad ook niet handig om hier 110 km/u te rijden”.

De Volwassene herkent zijn/haar verantwoordelijkheden en neemt die ook. Voelt de gevoelens die er leven en gaat die niet lopen opsparen en het later op iemand anders af te reageren. Nee, zij/hij doet iets verstandigers met haar/zijn emoties. Hij/Zij waardeert zichzelf en waardeert anderen… Hij/zij begrijpt dat het een veel stimulerender manier van leven is, wanneer je er vanuit kunt gaan dat de ander O.K. is (ook met zijn beperkingen), net zoals zij/hij zelf ook O.K. is.
Nog even in een overzichtje:

OUDER kritisch

“Goed is het pas als het perfect is”
(ik permiteer mij namelijk geen vragen)

“Het mag niet verkeerd gaan!” dus
jij MOET…

OUDER voedend

“Hoe kan ik blijven doen, wat goed is om te doen voor mij?”

Als iets verkeerd gaat kan ik ervan leren… dus
ik GUN jou….

VOLWASSENE
“Wat ga ik DOEN vandaag en hoe doe ik dat het
verstandigst? “
KIND aangepast

“Hoe kan ik zorgen dat ik het niet verkeerd doe?”


(tegenscript: “Hoe kan ik ‘ze’ zo goed mogelijk laten zien dat het mij allemaal helemaal niks kan schelen als ik iets doe dat zij verkeerd vinden.”)

KIND vrij

“Lekker genieten van de dingen die ik doe!”

en.. samen spelen is leuker dan alleen.

in het vertrouwen dat sommige grenzen die mijn ouders liefdevol uitleggen ook de rust geven om LEKKER te spelen

oefenen in (h)erkenning

Om een beetje feeling te krijgen voor die drie mindsets, deze 3 manieren van “zijn”, kan het handig zijn om eens een tijdje jezelf te oefenen om ze bij jezelf te erkennen of ze bij anderen te herkennen.


Mocht u vragen willen stellen +klik hier+
contact pagina: +klik hier+
Heb je aanvullingen of opmerkingen: plaats hieronder een reactie…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s